10-07-2008
Een reis met echt alles erop en eraan
Eindelijk was het dan zover; we werden door Redwise uitgenodigd om naar Hong Kong te vertrekken.
Kort na aankomst ter plekke voerden we even een snelle hotelwissel uit en gingen met Wietze Hof (superintendent) op zoek naar ons slachtoffer. De ‘werf’ vonden we uiteindelijk wel maar van ‘Saam Kabah’ ontbrak ieder spoor. Omdat het schip pas later in de middag aan zou komen besloten we nog even op bezoek te gaan bij de op vertrek liggende Rio Bayano I, eveneens onder Redwise vlag, waar we lunch voorgeschoteld kregen.
Uiteindelijk kwam ons schip toch opzetten, zij het aan het eind van een sleeptros, en konden we ons nieuwe verblijf in ogenschouw nemen. Het zag er allemaal goed uit, met een uitstekende accomodatie voor een klein schip.
Na een paar dagen aanpoten vertrokken we zaterdagmorgen, afgeladen met mensen die nog wat laatste tests moesten uitvoeren en ons uitleg verschaften. Ondertussen had onze Hoffotograaf vanaf een launch de nodige kiekjes gemaakt van de ‘Saam Kabah’ in haar element.
Nadat alles in orde bevonden was konden we via de Quarantaine Anchorage naar zee vertrekken. De zuidpunt van Taiwan werd gerond in prachtig weer; helaas was dat een paar uur later heel anders. Stormachtige wind en hoge zeeen noodzaakten ons een klapje langzamer te gaan draaien. Gelukkig bleek het allemaal van korte duur en hadden we de volgende morgen alweer rustig, alhoewel regenachtig, weer. Daarna volgden dagen van voorspoed, ondanks een typhoon die roet in het eten probeerde te gooien, maar die dankzij tijdige weer- en faxberichten ontlopen kon worden. Het plezier werd echter wel gedeeltelijk bedorven door Jan van Genten die ons als schietschijf gebruikten. Voordat we Honolulu binnenliepen moest er nog flink geschrobt worden om niet als een guano- rots binnen te lopen.
Na enkele weken in de ‘Grote Leegte’ vertoefd te hebben, doemden in de ochtendgloren op een dag tegen eind mei de Sandwich Islands voor ons op; ook wel bekend als Hawaii Eilanden. Een dag relaxen stond op het programma; door omstandigheden werden het er vier. Helaas mochten onze Indonesiers hier niet van genieten; door recente wetgeving mochten zij niet de wal op.
Het programma werd voortgezet in redelijk mooi weer, daarna werd het schitterend toen we eenmaal in de doldrums zaten; met uitzondering van de vele regenbuien dan. Een paar dagen voor aankomst Balboa kwamen we nog een uitgebrand vissersbootje tegen, maar daar viel weinig aan te doen en we lieten het verder met rust na de autoriteiten op de hoogte gesteld te hebben.. Panama! Iedereen had er reikhalzend naar uitgezien, maar meer dan op een paar mijl vanaf Panama City voor anker liggen zat er voor ons niet in.
Na twee dagen was het dan zover dat we door het kanaal mochten. Jammer genoeg werd het een nachtpassage en hebben we er verder niet veel van meegekregen. De sluizen zijn overigens best wel kunstwerken als je bedenkt dat ze al bijna honderd jaar oud zijn. Heel vroeg in de morgen werd Cristobal gepasseerd en konden we aan het laatste stukje beginnen. De bestemming, Vera Cruz, was ondertussen al veranderd in Altamira, een nietszeggend industriestadje vlak bij Tampico(Mex), waar we op zondagmorgen, volgens plan, aankwamen. Hier kon ook de Indonesische bemanning, eindelijk na bij 8 weken, weer eens de wal op. Na enig oponthoud vanwege Immigratie beambten konden we twee dagen later toch allemaal naar huis vliegen.